Als alle teamleden zitten, steken ze allemaal een hand in de lucht en stopt de tijd. Snelste tijd telt.
Banaan omdraaien en zo snel mogelijk op de banaan klimmen.
Allemaal aan een kant van de baan in het water liggen. Baan op zijn kop en 1 hand in de lucht steken.
Rondje banaan: zowel buitenom bij de voorste hendel als bij de achterste hendel.
All teamleden moeten een hele ronde over de banaan lopen; om de voorste en achterste hendel heen.
commandorun: een teamlid neemt plaats op de banaan, De boot vaart tijdens de gehele run.
het teamlid klimt op de banaan, waarbij hij geholpen wordt door degene die op de banaan zitten. Pas als hij/ zij zit, mag de volgende in het water springen.
Een voor een springen de teamleden in het water en zwemmen naar de banaan.
Alle teamleden zitten op de banaan
Door naar links en naar rechts te hangen kan het team de banaan onder controle houden.
De piloot probeert de teamleden al bochtendraaiend van de banaan te krijgen.
Als een lid van de banaan valt, is de run over. Ieder team krijgt twee runs. Hoe meer bochten een team doorstaat, hoe meer punten.